Eergisteren,
1 Augustus, was het de nationale feestdag in Benin. Dit jaar, 53 jaar geleden
is Benin onafhankelijk geworden, daarvoor was het een kolonie van Frankrijk. De
Franse kolonisten waren de baas en hadden het tot dan voor het zeggen. Vrijheid,
onafhankelijkheid, eigen baas, bevrijd van de overheersing, onderdrukking en
slavernij. Dat werd hier dus gevierd, ‘jour d’indépendance’, overal vlaggetjes,
rood, groen, geel en iedereen die je tegenkomt zegt dan ‘Bonne fète’!
We
waren uitgenodigd door de commissaris om naar het defilé te komen kijken “Het
is een groot spektakel” zei hij. Het feest was op de grote weg bij de Mairie (het
gemeentehuis). “Wat zullen we doen, er heen gaan? Al die ceremonies zijn hier
zo overdreven, beginnen altijd veel later dan afgekondigd en zo vermoeiend.”
Volgens de commissaris zou het al om 8 uur in de ochtend beginnen, maar zo
vroeg gaan we echt niet, alles begint hier altijd minstens een uur later! We
zijn wel gegaan en het was een spektakel! Veel mensen aan de kant van de weg,
met vlaggetjes en in mooie kledij. Voor de Mairie, aan de kant van de weg, een
groot afdak, met stoelen eronder voor de genodigden, de ‘notabelen’, noemden ze
die mensen, en daar mochten wij bij gaan zitten. Het was inmiddels 9.15uur toen
we kwamen en al behoorlijk vol met ‘notabelen’. Op de voorste rij de
commissaris van de politie en de burgemeester die ons van harte verwelkomden. We
werden voorgesteld aan de commissaris van de Gendarmerie, en nog veel meer
belangrijke functionarissen. Allemaal hadden ze een mooie sjerp om en ze leken
en keken allemaal erg belangrijk. Wij mochten achter hen zitten, op de tweede
rij en dat was niet de laatste rij, want er waren nog wel zes rijen achter ons,
dus wij waren dus behoorlijk belangrijk!
En
toen moesten we wachten op het defilé, dat eigenlijk al om 8 uur zou zijn.
Onder het genot van harde muziek, een man met een microfoon, die steeds
vertelde dat het niet meer lang zou duren dat het defilé zou komen en steeds
maar weer de belangrijke gasten verwelkomde en voorstelde aan al het publiek. Wij werden voorgesteld als 'les étrangers qui sont parmi nous' (de vreemdelingen die onder ons zijn). Elke
keer als hij dat zei, dacht ik aan de Bijbel ( wij lezen de laatste tijd uit
onze Franse bijbel), het boek Deuteronomium, de wetten, daar gaat het ook
steeds over ‘les étrangers qui sont parmi vous’, dat zijn wij hier dus. Na een
poosje begon het defilé. Groepen mensen van een bepaalde beroepsgroep komen
dansend en zingend in een optocht aangelopen en voor de plek waar de
‘notabelen’ zitten stoppen ze en doen een extra dansje en liedje en dan moeten
we allemaal klappen en dan gaan ze verder. Kleine muziekgroepjes komen er
tussen door, dan weer een beroepsgroep, bijvoorbeeld de groep zemidjan (brommertaxi)
chauffeurs, die deden allerlei enge capriolen op hun brommers. Daarna
kwamen de sportgroepen (les sports
populaires) dansend, rennend, gekke dansjes en bokkesprongen en zelfs een
wedstrijd, wie het snelste kan rennen met een grote kleien waterkruik op hun
hoofd, in een estafette. Jammer, we hadden geen fotocamera bij ons, we hadden
echt interessante foto’s kunnen nemen!
Later
die dag, ook nog in de ochtend, gingen we naar Madjrè, zoals we elke
donderdagochtend altijd doen. Weer enthousiast verwelkomd door een paar van de
bewoners, maar we hoorden dat ze al begonnen waren met zingen. Omdat we wat
later aankwamen, waren ze alvast maar begonnen, met de tamtam, de castagnetten,
dansend en zingend. Maar eerst gingen we even bij de bewoners langs die alleen
zaten, ergens lagen. En daar….. liggend op een bed op de veranda lag onze
Pierre, hij lag daar zo stil en zo vreemd, zijn handen en voeten erg
opgezwollen, zijn wangen ingevallen, zijn benen erg mager. Vliegen vlogen om
zijn benen vol met wondjes. Zijn ogen waren dicht. Hij zag er doodziek uit. We
hadden de vorige keren ook al gezien dat hij anders dan anders was, wilde toen niet
meedoen, begroette ons niet, keek wat wezenloos uit zijn ogen. Maar nu…nu het
leek alsof hij op sterven lag….Ik heb hem nog even laten weten dat wij er
waren, hij opende z’n ogen even. We zijn toen naar de groep gegaan. Niemand van
de bewoners liet merken dat ze het moeilijk hadden met Pierre die daar een paar
meter van ons af zo erg ziek lag te zijn. We hebben gedanst, gezongen, gebeden.
Het verhaal voor vandaag ging over de bevrijding van de Israëlieten uit Egypte,
dat God ze voorging in een wolkkolom, dat ze door de Rode Zee moesten en dat
God het wonder deed van het pad door de zee. “Halleluja, amen” riepen de bewoners,
“Dieu est grand!” Joe vertelde dat tot vandaag de dag de Israëlieten (de Joden)
nog steeds dat feest vieren, het feest van de bevrijding van de onderdrukkers,
de overheersers, de Egyptenaren. Net als hier in Benin, hier vieren ze elk jaar
ook elk jaar een Onafhankelijkheidsdag, de ‘jour d’indépendance’, de Bevrijdingsdag.
God is met de Israëlieten, en met de Beninesen! We hebben samen ballonnen
geblazen, koekjes uitgedeeld, samen een beetje Bevrijdingsdag gevierd. We
hebben samen ook voor Pierre gebeden, voor zijn bevrijding.
Toen
we weggingen, was er een verpleegkundige bezig met Pierre, Raoul had professionele
hulp gezocht. Pierre kreeg een infuus in zijn arm. “Weet je ook wat voor ziekte
Pierre heeft?” vroeg ik aan Raoul. “SIDA”, (het Franse woord voor aids), zei
hij, “hij zal wel niet lang meer leven.”
Onze
grote, vriendelijke, autistische Pierre, wat een triest leven heeft hij gehad,.
Weg uit zijn geboorteland Nigeria, ver van zijn familie, die nu in Cotonou woont
en hij hier in Madjrè. En nu gaat hij sterven…aan aids. Die lieve Pierre, die
ik hoop weer te ontmoeten op het grote Feest van de Vader voor de Zoon. Waar
wij straks allemaal voor uitgenodigd worden, het grootste Bevrijdingsfeest! En Pierre
daar als gastheer, die iedereen gastvrij verwelkomt, zoals ik eens schreef in
het verhaal over het feest gecaterd door ‘De Onthaasting’. Ik hoop dat het heel gauw Bevrijdingsdag voor Pierre is, hij heeft het
wel verdiend, vind ik, om daar nu alvast heen te gaan, om samen het grote Feest voor te bereiden! Het grote Bevrijdingsfeest, geen feest van ‘indépendance’,
onafhankelijkheid, maar van afhankelijkheid! Afhankelijk van Hem die ons bevrijdt
van alle onderdrukking, overheersing, eenzaamheid, ziekten en verdriet!



