Ceremonies, culturele gewoonten, we wonen er middenin. Interessant om te horen waarom ze bepaalde dingen doen. Vaak dingen die wij niet begrijpen en we kunnen wel zeggen, dat is Afrika, dat hoort hier zo, maar we hoeven er niet overal zelf mee eens te zijn.
Veel gewoonten horen hier en zijn goed hier en respecteren we hier, maar we komen ook dingen tegen, waar we gewoon niet aan kunnen wennen en misschien ook niet aan willen wennen…..
Ik denk nu bijvoorbeeld aan de plek van kinderen hier….... overal zien we kinderen, in de kerk, in de buurt, als we aan het rondrijden zijn, als we de dorpjes ingaan. Kinderen zien er altijd blij en vrolijk uit, ze zwaaien naar ons, ze komen naar ons toe, ze vragen snoepjes en soms geld (van kinderen kan je dat verdragen, kinderen mogen dat doen). Kinderen zijn kinderen, overal op de wereld. Ze maken de wereld aangenamer, blijer, ‘Don de Dieu’, zo heten veel kinderen hier ook……. geschenk van God!
Toch is het leven van kinderen hier zo anders. Als ze heel klein zijn, zijn ze veel bij hun moeder, op de rug, aan de borst, heel veilig. Moeder werken met hun kindjes zo, ze gaan zo overal mee heen. (Waar ik trouwens net achter ben gekomen is dat kindertjes hier veel eerder lopen, acht/negen maanden is normaal).
Als kinderen iets groter zijn wordt het al anders dan dat wij gewend zijn. Ze helpen thuis mee, ze gaan zorgen voor hun kleinere broertje of zusje (je ziet kinderen van 4 jaar met hun broertje/zusje rondlopen, die dragen ze ook in een doek op hun rug). Ze helpen met het werk, om het huis en in de akkers, ze dragen water van de pomp naar huis in een bak op hun hoofdje. Ze krijgen ook veel vrijheid, het is heel normaal als je een kindje van 2 of 3 jaar zomaar zonder een oppas over de straat loopt, zelfs in de avond, als het al donker is. Kleintjes vanaf 4 jaar lopen vaak zelf naar school, langs de drukke weg hier. Geen grote groepen moeders hier bij de scholen om de kindertjes op te halen. De kleintjes lopen mee met anderen, maar ook vaak alleen, zonder oppas.
Kinderen groeien hier sneller op, ze hebben eerder hun verantwoordelijkheden, moeten snel zelf dingen doen. Het leven is harder, je kan niet echt lang kind zijn, je moet meedoen, net als de volwassenen. Aan de ene kant is het goed, dat kinderen ook leren om mee te helpen, vooral in een cultuur zoals hier in Benin. Er is veel werk te doen en dan is het goed om dat vroeg te leren. Maar het heeft een minder mooie kant. Omdat iedereen z’n eigen taken heeft, de vrouwen doen dit, de mannen doen dat, de kinderen dat, heeft iedereen gescheiden taken, zijn eigen rooster. Volgens mij is er daardoor niet veel van een gezinsleven. Bij elkaar zijn, als papa, mama en kinderen, komt hier bijna niet voor. Ieder voor zichzelf. Moeders koken wel, maar iedereen eet als die daar zin in heeft. Niet samen in de kring en tegelijk gezellig eten en als je moe bent, ga je slapen, niet op een bepaalde tijd voor jong of oud….
En dan komen wij hier, met onze Nederlandse gewoonten, ons huis een veilige haven, onze goed Gereformeerde gezinsgewoonten, ‘het gezin als hoeksteen van de samenleving’ , samen sterk in de grote gevaarlijke wereld.
Kunnen wij de mensen hier vertellen dat ze het allemaal verkeerd doen? We moeten de samenleving waar we wonen respecteren, alles wat wij altijd gedacht hebben is ook niet altijd de beste manier, maar we mogen er toch wel over praten, vooral als de mensen er naar vragen?
Die vraag krijgen we…..
Vorige
week waren we in Vovokame. Het dorpje van
de familie van Grégoire, de taxichauffeur. Grégoire had al een poos contact met
een groepje jongelui uit dit dorp. Ze hadden aan hem gezien dat hij anders was
geworden, sinds hij christen was. Verantwoordelijker, eerlijker, vriendelijker
(wow, ik hoop dat anderen dat ook aan mij kunnen zien!). Een paar van deze
jongens waren ook van huis uit christen, de anderen kenden alleen mensen die christen
waren. Sommigen kenden de Bijbel, anderen alleen van verhalen van Grégoire. Grégoire
had hen verteld over zijn kerk, over zijn ervaringen daar en de jongelui wilden
er meer over horen. We waren door deze jongelui uitgenodigd en we hebben naar
de groep geluisterd en met hen gesproken, “Waarom willen jullie een andere kerk
in jullie dorp; er is toch al een kerk daar? We gaan niet zomaar een tweede kerk in een
dorp beginnen als er al een kerk is.”
Toen
kwam er weer dat verhaal over wat we hier steeds weer tegenkomen, het verhaal
van ‘ieder voor zich’. Ze hadden gehoord dat de gereformeerde kerk er voor
iedereen is, dat de kinderen er bij ons in de kerk net zo goed bij horen als de
volwassenen. Hun kerk (Reveille) is alleen een kerk van volwassenen, de
kinderen worden niet gedoopt, er wordt niets voor de kinderen gedaan, ook geen
lesgegeven. De kinderen zijn wel welkom, maar als de kinderen vragen hebben
wordt er niet naar geluisterd. En vooral geen vragen over hoe je als christen
hoort te leven, want veel van de gedoopte kerkleden leven volgens de jongelui
een dubbelleven, een christelijk en een heidens leven. “Wij willen Jezus volgen
zoals het in de Bijbel staat, met ons hele leven en niet zoals het voorbeeld
van onze ouders!” Wow, dat klonk hard! Wat moesten we hiermee? Het was een echte vraag van jongelui, die Jezus echt willen volgen.
De afspraak was dat ze de volgende zondag bij ons in Dogbo naar de kerk zouden gaan en ‘s avonds zouden we een afspraak hebben met de leiding van het bestaande kerkje in het dorp. We wilden laten zien dat we deze vraag van de jongelui hadden gekregen, maar dat het geen gewoonte van ons is om een rivaal van een andere kerk in een dorp te worden.
Nou, dat was een goede afspraak. We waren daar met twee van de personen, die een nieuwe kerk willen beginnen, met Grégoire, met een ouderling en een diaken van onze kerk en drie oudsten van de dorpskerk.
En we hebben zo’n goed gesprek gehad! We hebben kunnen uitleggen hoe de vraag bij ons gekomen was en dat we als volgers van dezelfde God heel graag naast hun kerk willen staan, niet als rivalen. Ze oudsten vertelden dat ze eerst wel bang waren voor een tweede kerk in hun dorp. Maar intussen hadden ze de verhalen van de jongelui gehoord en de reacties op de dienst in onze kerk in Dogbo deze morgen. “We hebben jullie hulp nodig hier in het dorp, wij weten niet meer hoe we een goed voorbeeld moeten zijn voor onze jongelui. We geven geen goed voorbeeld met het leven dat we leiden. We nodigen jullie uit om een kerk te beginnen in ons dorp, waar de jongeren misschien een voorbeeld kunnen worden voor de ouderen!” Nou, dat was wat om te horen! Een van de oudsten had een zoon in het groepje en hij stelde zich zo kwetsbaar op: “Ik ben geen goed voorbeeld voor mijn kinderen!” Zo’n open, kwetsbare vraag, zo’n wonder, dit hadden we niet zo verwacht! Even schrok ik, “wow, wat een verantwoordelijkheid krijgen we daar in onze schoot geworpen, kunnen we dit wel aan?” We hebben de vraag bij de kerkenraad hier in de Mono-Couffo gelegd. Zij moeten nu verder met deze vraag, het is een grote uitdaging. Wij moeten nu een stapje achteruit nemen en op de achtergrond meedenken, ondersteunen. Maar met Gods hulp gaan hier vast mooie dingen gebeuren. Dat is juist wat de kerk van Jezus Christus moet betekenen in de wereld, er zijn voor de ander, en met Gods hulp.
Vandaag
is het weer zondag en we hebben we weer met een groep vrouwen gesproken, deze
keer vrouwen van de gemeente van Tokpohoue. Joe had daar vandaag gepreekt over de vijf
wijze en vijf dwaze meisjes. Wij zijn allemaal verantwoordelijk voor onze eigen
lampen en voor de extra olie. Ons leven als christenen moet steeds vol blijven
met de olie, we moeten ervoor zorgen dat de olie niet opraakt. Maar wij moeten
elkaar daar ook bij helpen. En vooral wij, als ouders moeten ons best doen er
voor te zorgen dat de lampen van onze kinderen gevuld blijven. Tijd met ze
nemen, niet alleen op zondag, maar elke dag. Zelfs al is het leven vaak heel
druk, elke dag even tijd nemen als gezin, samen bidden, samen de bijbel lezen
en erover praten. Ouders hebben een hele grote verantwoordelijkheid, mede door
hen kunnen de kinderen klaar zijn of niet klaar zijn voor de Bruidegom!
De
meeste gezinnen hebben geen kinderbijbel, de meeste moeders kunnen niet eens
lezen! Wij hebben vijf verhalen, met plaatjes uit een kinderbijbel gekopieerd
en er een boekje van geniet. Het eerste verhaal is het verhaal van de moeders
die hun kinderen naar Jezus brachten. We hebben dat verhaal met de moeders (en
een vader) besproken. Jezus houdt heel veel van kinderen, Hij liet dat ook zien
als voorbeeld voor ons in dit verhaal, dat de kinderen er echt bij horen. Ze
kunnen dit verhaal ook met hun kinderen thuis bespreken. Het idee is dat de
vrouwen nu elke week samen als groep een van de verhalen gaat lezen en
bespreken en dan kunnen ze elke week weer een ander verhaal thuis aan hun
kinderen vertellen. Dat hebben we ze aangeraden en we hopen dat ze dat echt
gaan doen. En ook bidden, elke dag, samen als gezin, even samen. We hopen dat
deze goede gewoonte hier ook een gewoonte mag gaan worden. Het gezin is ook hier in Benin de hoeksteen van de samenleving
God,
wilt u voor alle kinderen in de hele wereld zorgen? Bedankt dat U zoveel van ze
houdt!
Moeder
en Oma Marijke
(fotos van Marloes)



It's a very good custom, that of reading and praying together, also at mealtimes. A Philippino brother and his wife remarked that they had not realized that till they observed this practise in Reformed households both here and in Australia. They were so excited by it that they have taken over that practise at home! Coosje
BeantwoordenVerwijderenMooi mama!
BeantwoordenVerwijderenWat een mooie ontwikkelingen! Xxx
BeantwoordenVerwijderenBeautiful!
BeantwoordenVerwijderenMooi Marijke!
BeantwoordenVerwijderenWat een nieuwe uitdagingen!
God Bless!
xxx Marloes
Prachtig Marij, hoe God daar bezig is...
BeantwoordenVerwijderenBijna om een beetje jaloers op te worden
xxx zusje Evelien
Evelien, wees niet jaloers, jij doet prachtige dingen waar jij bent en tegelijk kun je er ook zijn voor je eigen kinderen en je familie. Dat voelt vaak wel dubbel nu ik zo ver van hen af ben. Ik merk geregeld dat ik daar ook graag nodig wil zijn.......
BeantwoordenVerwijderenMarijke